Veggie Express: mijn favoriete vluggertjes

fast cheap easy fake

Ja, dat kan kloppen.

Maar fast, cheap en easy zijn niet per se negatief. Tenzij je je bij de woorden “snel, goedkoop & gemakkelijk” een McDo-burger voorstelt. Dan zeg ik ook: no way dat ik DAT wil ‘zijn’!

 

Sinds lange tijd maak ik wekelijks een weekmenu. Of dat probeer ik tenminste. Soms is de week al voorbij voor ik de tijd voor een weekmenu gevonden heb. Want een weekmenu maken, dat duurt eventjes. Soms een half uur, soms anderhalf uur – afhankelijk van hoe repetitief je zelf wil zijn. Hier is dinsdagavond meestal het weekmenumoment. Op dinsdag halen we namelijk onze biogroenten van de boerderij af. En dan: puzzeltijd!

 

Hoewel ik elke week probeer een of meerdere recepten van mijn kookpinboard en uit kookboeken te testen, komen er natuurlijk ook regelmatig recepten terug. Het zijn gemakkelijke, snelle (en vaak goedkope) recepten, met een veelzijdig karakter (waarmee ik bedoel: je kan variëren met ingrediënten).

 

Voilà, dat allemaal om te zeggen dat jullie hier de komende weken mijn favoriete Veggie Express-gerechten zullen zien opduiken! Smakelijk al!

Review: Re-Sack

Een paar maanden geleden kregen we van Re-Sack een paar herbruikbare tasjes voor groenten & fruit opgestuurd. “Benieuwd naar jullie reactie op de Re-Sack’s”, mailde Sjoerd onlangs, de bedenker van Re-Sack. Juist, een reviewtje schrijven dus!

 

Ik was de tasjes niet vergeten. Neen, ik wilde ze gewoon echt goed testen vooraleer er een review over te schrijven. Ik vind dat noodzakelijk om de duurzaamheid van zo’n dingetjes te testen. En weet je? Eigenlijk gebruik ik de tasjes niet zo vaak voor groenten en fruit. Want ik steek mijn groenten en fruit meestal los in een grote herbruikbare tas.

Re-Sack voile

Waarvoor gebruik je ze?

Maar in zo’n tasjes kan je natuurlijk ook andere dingen transporteren. Kurken, fietsbinnenbanden, bokaaldekseltjes en ander workshopmateriaal waarvan je liever niet hebt dat het tussen je ander materiaal terechtkomt … Het grotere net vind ik ook heel handig als netje voor aardappelen. Multifunctionaliteit, gotta love it.

 

Drie soorten, één gemeenschappelijk doel

De Re-Sack-tasjes bestaan in drie uitvoeringen:

  1. een net van 30 x 38 cm
  2. een klein netje van 19 x 16 cm
  3. een voile van 38 x 28 cm

 Re-Sack net

Alle versies zijn gemaakt van GOTS-gecertificeerd biokatoen en de producenten uit India krijgen er een eerlijk loon voor. Het model is telkens hetzelfde: een rechthoek met bovenaan een tunnel voor een koordje. Wasvoorschriften: 30°C en niet drogen in de droogmachine.

 

De drie verschillende soorten hebben elk hun specifieke afmetingen en gebruiksdoeleinden. De kleine netjes zijn bijvoorbeeld echt heel klein en dus echt enkel geschikt voor noten en kleine spulletjes. Maar ze zijn alledrie even goed in waarvoor ze bedoeld zijn: het aantal wegwerpverpakkingen (plastic én papier) beperken.

Re-Sack netje

Geslaagd voor de test?

Nu, omdat ik niet goed wist wat consumenten eigenlijk verwachten van herbruikbare groenten- en fruittasjes, stelde ik de vraag op Facebook. Ik overloop even de puntjes en schrijf er meteen bij of het van toepassing is op deze tasjes.

 

1) dat ze stevig zijn

De voiles bestaan uit een enkele laag katoen. Als ik zelf stropzakjes maak, zorg ik dat ze gevoerd/omkeerbaar zijn, maar daardoor wegen ze ook wat meer. Deze enkele laagjes zorgen dat de tasjes lichter zijn en minder plaats in je tas innemen. Drie kilo aardappelen heeft mijn netje alvast al meermaals probleemloos getransporteerd.

 

2) dat je ze niet constant kwijtraakt

Dat hangt natuurlijk grotendeels van je eigen organisatietalent af, want zo ieniemienie klein zijn ze nu ook weer niet ;-)

 

3) dat ze licht zijn

Zie puntje 1! Het grote net weegt ongeveer 40 gram. Veel meer dan een plastic zakje, maar je kan natuurlijk eerst je groenten of fruit wegen en het dan pas in de zak steken, zodat je niet telkens 40 gram extra door je eigen verpakking betaalt. Dat zou inderdaad een beetje onnozel zijn.

 

4) dat ze ook dienen om de spullen in te bewaren

Check! Ze ‘ademen’ alledrie, een belangrijke eigenschap om groenten en fruit langer te bewaren.

 

5) dat ze lang meegaan / duurzaam zijn

Na zo’n vier maanden gebruik zijn er nog geen sporen van vernieling te zien. Ik moet er wel aan toevoegen dat ik ze nog niet gewassen heb, maar het zou me verbazen dat mijn wasmachine deze tasjes zou beschadigen ;-)

 

6) dat ze gemakkelijk zijn in gebruik / handig zijn

Geen ingewikkeld sluitsysteem, een simpele vorm, iedereen kan meteen identificeren dat het om een tasje gaat (vermoed ik toch). Voor normale hoeveelheden inkopen zijn de voile en het grote net zeker groot genoeg.

Als je in een supermarkt koopt waar je zelf de inhoud moet wegen, kan de sticker wel loskomen (heb ik elders gelezen).

 

7) dat ze doorzichtig zijn, zodat aan de kassa geen verwarring ontstaat

Door de netjes heen zie je de inhoud natuurlijk wel zitten, door de voile duidelijk niet. Geen probleem als je niet in de supermarkt je aankopen doet, maar individueel bediend wordt (luxe!) in een groenten- en fruitwinkeltje of bij den boer. In de supermarkt zal de kassier(ster) wellicht je voile open moeten doen om te weten wat erin zit (of je kan het hem/haar gewoon zeggen). Maar goed, dat lijkt mij niet echt een nadeel.

 

8) dat ze groot genoeg zijn

Voor ons ‘gezin’ (lees: twee volwassenen) zijn het net en de voile zeker voldoende. Het kleine netje heb ik nog maar zelden gebruikt.

 

9) dat ze vrolijk zijn

Niet van toepassing. De tasjes zijn enkel verkrijgbaar in beige. Niet de meest ‘vrolijke’ kleur, volgens mij.

 

Zijn er ook nadelen?

Persoonlijk vind ik het handig als in herbruikbare tasjes meteen ook een opbergzakje verwerkt zit. Mijn kiwitasje is zo eentje: het tasje zelf kan je heel snel in het aangestikte opbergzakje steken. Ook mijn minisax-tasje heeft een opbergvakje waarin je het geheel kan opvouwen. Die twee tasjes zitten altijd in mijn handtas. De ‘losse’ zakjes daarentegen neem ik enkel mee als ik inkopen ga doen – als ik ze niet vergeet tenminste…

 

Aanrader?

Ik vind het een groot voordeel dat de tasjes gemaakt zijn van katoen, van een natuurlijk materiaal. Als je op zoek was naar katoenen herbruikbare tasjes, zijn deze dus zeker een aanrader. Gedaan met al die wegwerpverpakkingen voor groenten en fruit!

Als naaister kan ik de voile even goed zelf maken, dus die variant zou ik niet meteen kopen. Maar op een paar extra netjes, en dan vooral de grote versie, zal ik mezelf zeker eens trakteren ;-) 

In België zijn de tasjes verkrijgbaar bij Kudzu. Op de website van Re-Sack vind je alle andere verkooppunten (online en in Nederland).

Re-Sack bij Kudzu

Nota: Ik kreeg deze producten van Re-Sack. Maar wees gerust: in deze review lees je mijn eerlijke mening. Gekregen of gekocht, aan liegen doen we niet mee ;-)

Speciaal voor de bijtjes

Onlangs las ik dat de EU het gebruik van pesticiden zal beperken. Uit bezorgdheid voor de dalende bijenpopulatie. Nu, veel reden voor gejuich is er niet: het verbod is maar tijdelijk (twee jaar), vanaf het najaar en voor slechts drie soorten pesticiden (die met het hoogste risico voor bijen) geldig. Goed, het is een begin.

Wat extra moeite voor de bijtjes is dus nog altijd nodig. Nu ja, “moeite” … Mijn leuze van dit voorjaar: laat het gras maar groeien. Al die paardenbloemen en ander ‘onkruid’, daar houden de bijtjes van. Mijn buren misschien minder, maar die zijn dan ook niet met uitsterven bedreigd, dus die negeer ik ;-)

Als ik vooraan in mijn tuintje zit, zie ik dit:

tuin Kelly

Rechts is eigenlijk de moestuin. De ietwat rommelige moestuin, want dit jaar steken we onze tijd en energie vooral in een samentuinproject. Thuis beperk ik me tot courgette, pompoen, tomaten, kruiden (peterselie, basilicum, munt, tijm, koriander), radijzen, komkommer, snijsla, rabarber en bloemen. Het is te zeggen: als al mijn zaadjes uitkomen.

Nog een paar close-ups van de weelderigheid …

close-up close-up nog meer paardenbloemen!

Trouwens, niet enkel bijen genieten van al dat groen en geel … Een aantal katten uit de buurt zitten / liggen meestal in onze tuin te genieten, zelden op het gazon van de buren ;-)

poes in gras

Ik heb ook al calendula en zonnebloemen (voor)gezaaid. Vorig jaar trokken die laatste heel wat aandacht.

zonnebloem

Ook actie voor de bijen ondernemen? Check de tips van Natuurpunt

Eco-zonnecrème: producten

De zon. Vriendin en vijand. Ze zorgt ervoor dat planten groeien, dat we allemaal een beetje vrolijker zijn, dat onze vitamine D-voorraad wordt aangevuld en dat we een bruiner kleurtje krijgen. Maar ze veroorzaakt ook kanker (de UVB-stralen, B = burning) en doet onze huid verouderen (de UVA-stralen, A = aging). Bescherming tegen haar schadelijke UV-stralen is dus noodzakelijk. Maar kan dat op een natuurlijke manier?

 

De vorige keer had ik het over chemische en fysische zonnefilters. Deze keer overloop ik enkele zonnecrèmes op basis van fysische filters en met verder zo weinig mogelijk schadelijke ingrediënten. Zoals ik al schreef, bestaat de perfecte zonnecrème niet. Hieronder vind je dus de volgens mij betere merken (mijn lijstjes zijn absoluut niet volledig, dat was niet mijn bedoeling, maar voeg hieronder gerust jouw favoriete eco-zonnecrème toe).

 

Merken

Alverde

De zonnecrème met SPF 30 bracht Cristina zo’n twee zomers geleden mee uit Duitsland (verkrijgbaar bij DM). Die zomer zelf gebruikte ik hem. Het jaar nadien kreeg ik er niets meer uit. Om maar te zeggen: weinig/geen bewaarmiddelen. Dit was een eerder dikke crème, die een zichtbaar (wit-geel) laagje achterliet. En mij goed beschermd heeft, die enkele zonnige dagen dat jaar ;-)

Keurmerken: Vegan + NaTrue

Werkzame ingrediënten: titaniumdioxide en voedende, beschermende oliën

 

ECO-Cosmetics

Dit jaar kocht ik bij Kudzu de zonnecrème met SPF 30 en de AfterSun van dit merk. Nog geen ervaring dus :-), maar een uitgebreidere review volgt.

Keurmerken: Ecocert + Vegan

 

Hurraw!

Hurraw heeft geen zonnecrèmes, maar wel een lippenbalsem met SPF 15. Getest en goedgekeurd door Cristina!

Keurmerken: Vegan + Leaping Bunny

Werkzame ingrediënten: (niet-nano) zinkoxide en enkele superoliën (duindoornolie, granaatappelpitolie, amandelolie, kokosolie, …)

Lavera

Ook hier: uitgebreidere review volgt!

Keurmerken: NaTrue + Vegan

 

Weleda

Weleda heeft geen zonnecrème (meer), maar Sarah gebruikt de Granaatappel Regeneratie Handcrème als aftersun (geschikt voor vegans). Deze handcrème verkoelt, verzacht en ruikt lekker. Eventuele pijn is bijna onmiddellijk verdwenen. Het is een kleine verpakking, dus je koopt niet gigantisch veel voor een zomertje met drie zonnetjes en half ;-)

Keurmerken: NaTrue + Demeter

Werkzame ingrediënten: granaatappelpitolie, sesamolie, sheaboter, zonnebloemolie, …

 

Andere goede merken 

Aubrey

Badger

Bare Minerals

eco logical skin care

John Master’s Organics

Lovea

Pure Nuff Stuff

Soléo

 

Enkele (web)winkels waar je zonnecrème kan kopen

België

Bio’ty Lab

Druantia

Kudzu

 

Nederland

Back 2 Earth

Essential Skin

Green Jump

Eco-zonnecrème: chemische en fysische zonnefilters

De zon. Vriendin en vijand. Ze zorgt ervoor dat planten groeien, dat we allemaal een beetje vrolijker zijn, dat onze vitamine D-voorraad wordt aangevuld en dat we een bruiner kleurtje krijgen. Maar ze veroorzaakt ook kanker (de UVB-stralen, B = burning) en doet onze huid verouderen (de UVA-stralen, A = aging). Bescherming tegen haar schadelijke UV-stralen is dus noodzakelijk. Maar kan dat op een natuurlijke manier?

 

Chemische, instabiele filters

De werkzame ingrediënten van een zonnecrème kunnen chemisch of fysisch zijn. Chemische filters absorberen straling en zetten die energie om in een onschadelijke vorm. Groot nadeel is hun instabiliteit onder invloed van licht.  Dat wil zeggen dat hun bescherming vermindert na aanbrengen op de huid. Bovendien trekken ze in de huid, kunnen deze irriteren (door de vrije radicalen) en eventueel zelfs een verstorend effect op baby’s hebben via de moedermelk. Ik lees veel ‘zouden’ als het over de effecten van de chemische filters gaat, maar voor mij persoonlijk is dat en het feit dat ze in je bloedbaan terechtkomen voldoende reden om deze filters te vermijden.

afbeelding (c) Lavera

 Te vermijden chemische filters

  • octyl methoxycinnamaat: vrij labiele filter, dus eigenlijk zelfs niet efficiënt + kan vrije radicalen produceren
  • avobenzone: zeer instabiel
  • octocryleen: wel stabiel, maar kan vrije radicalen produceren
  • oxybenzone: allergeen dat contacteczeem kan veroorzaken, dringt beter in de huid dan andere stoffen en produceert meer vrije radicalen (lees hier meer over oxybenzone)

 

Fysische filters, de oplossing?

Fysische (of minerale) filters dringen niet in de huid. Het gaat om de filters titaniumdioxide en zinkoxide, die het UV-licht reflecteren. Deze filters bieden een grotere bescherming dan afzonderlijke chemische, maar bieden, indien alleen aanwezig in een product, een zwakkere bescherming tegen bepaalde UVA-stralen. Zinkoxide is de beste fysische filter, want die biedt een efficiëntere UVA-bescherming.

afbeelding (c) Lavera

In de meeste commerciële zonnecrèmes worden chemische en fysische filters gemengd. Er bestaan gelukkig ook producten met enkel fysische filters.

 

Zichtbare bescherming

Het grote nadeel van de fysische filters is uiterlijk: ze zorgen voor een witte schijn op de huid. Nu, “groot nadeel” is natuurlijk relatief. Ik heb liever een zichtbaar, goed beschermend laagje dan stoffen die in mijn huid doordringen, maar anderen vinden dat witte laagje misschien maar vies … Via moderne technieken kunnen deze deeltjes ook zodanig verkleind worden dat ze wel transparant zijn (= nanodeeltjes). Maar dat zou dan weer zorgen voor een lagere bescherming tegen UVA. Bovendien is het niet helemaal duidelijk of opeenstapelingen van deze kleine deeltjes een negatief effect op de gezondheid en op bijvoorbeeld waterwegen hebben.

 

Smeren, niet verstuiven

Zonnecrème met titaniumdioxide en zinkoxide als beschermende stoffen worden sowieso aangeraden voor zeer jonge kinderen. Let wel op: deze deeltjes zijn niet giftig in crème-vorm, maar kunnen dat wel zijn als je ze inademt. Sprays laat je dus beter liggen.

 

SPF?

De Sun Protection Factor / zonnebeschermingsfactor geeft de graad van bescherming tegen UVB-straling / zonnebrand aan. Hoe hoger het getal, zo veel keer langer kan je in de zon blijven dan iemand zonder bescherming. Dat betekent dus ook: hoe lager het getal, hoe vaker je moet smeren.

Maar hoe weet je dan of je beschermd bent tegen UVA-stralen? Sommige producten hebben het UVA-logo. Producten met dat logo bieden een adequate UVA-bescherming. Dat betekent dat de beschermingsfactor minstens 1/3 van de SPF bedraagt. In Europa verkochte zonnecrèmes moeten  UVA-bescherming bieden, maar je let dus beter op dit logo als je producten buiten Europa koopt.

UVA logo

De fysische filters beschermen sowieso goed over het ganse spectrum, dus tegen UVB-straling én UVA-straling (vooral zinkoxide!).

 

Conclusie

De perfecte zonnecrème bestaat niet. Maar producten met enkel fysische filters zijn wel de beste oplossing, want zeer effectief, stabiel en niet in de huid dringend. Sowieso is het veel schadelijker om zonder zonnecrème de zon te trotseren. Dus ofwel blijf je beter binnen ofwel moet je goed smeren, met fysische filters :-)

 

5 algemene tips

  • Gebruik een zonnecrème met SPF (Sun Protection Factor = beschermingsfactor) 15 of meer
  • Gebruik liever crème dan spray
  • Frequent smeren!
  • De beste bescherming blijft: de heetste zon vermijden
  • Bedek je huid eventueel ook met kleding en hoofddeksels

 

Bronnen

Scriptie Sarah Van Broek, Chemische en fysische zonnefilters: welke is de beste keuze? (zie ook de powerpointpresentatie)
Huidinfo.nl

 

Meer info over eco-zonnecrèmes

Over het roer en het schip

Dit keer geen babytalk, geen beautyreview, geen receptje. Neen, iets helemaal anders. Ik vind dit niet gemakkelijk om mee te delen, maar de beslissing is gevallen. En dus wil ik jullie ervan op de hoogte brengen. Het zit zo: ik heb besloten dat ik even een pauze neem van StyleMeGreen.

Oei? Wel ja, StyleMeGreen was mijn project waarmee ik zo’n 4,5 jaar geleden startte. Het begon met mijn passie voor al wat ecochique is. Ik wou delen waarmee ik bezig was, welke links ik goed vond, en zo voort. Het groeide al snel: met workshops en infostands deelde ik de kennis samen met Sarah, Katrijn en Kelly.

En toen kwam Little Miss Lily. Sinds haar geboorte veranderde alles zo hard. Mijn leven werd volledig op zijn kop gezet. Je weet op voorhand wel dat het enorm gaat veranderen, maar je weet niet in welke mate. Het kersverse moederschap vraagt de nodige tijd en ik wil mijn kleintje de nodige aandacht geven.

Website-onderhoud, regelmatig bloggen, workshops geven (en al wat erbij komt kijken), het boek, de column voor Visita Magazine, de nieuwsbrief (helpen) schrijven, … Nu mijn vrije tijd schaarser geworden is, heb ik besloten om StyleMeGreen even in de koelkast te steken. Ja, na veel wikken en wegen, slapeloze nachten, de hoofdpijnmomenten en de nodige traantjes. (c) www.prettytimelinecovers.com

Wat betekent dat concreet?

Geen paniek, StyleMeGreen stopt er niet mee! Integendeel zelfs. Kelly neemt het roer even grotendeels van mij over. Ik blijf op de achtergrond alles nog wat coördineren en opvolgen, maar Kelly staat nu aan het roer van het SMG-schip en gaat dat (daar ben ik zeker van) in de juiste koers laten varen. Zij zal het boek alleen schrijven en neemt voortaan de column in Visita Magazine volledig voor haar rekening (en niet meer afwisselend), zij zal de website onderhouden, de blog updaten en de nodige stappen nemen om zelfstandig de workshops Ecochique Fashion en Natuurlijk Mooi te geven. Intussen blijft Sarah af en toe blogposts publiceren en geeft Katrijn zoals voordien upcyclingworkshops.

En als de tijd rijp is, ga ik terug aan de slag! Want de ideetjes en ervaringen die ik opgedaan heb, wil ik nog delen. Ook de tips ’n tricks voor ecostylish momma’s verschijnen zeker nog, maar gewoon iets later.

En natuurlijk, als er vragen zijn, stel ze (via mail), ik help waar ik kan!

Ik laat heel het SMG-gebeuren even achter mij, tot mijn spijt. Het is geen beslissing die ik dacht te moeten maken, maar het is wel de juiste.

 

Mijn warmste groetjes en groenste knuffels aan jullie allen!

 

PS: De workshops die al langer gepland stonden, geef ik uiteraard wel nog! Maar voorlopig neem ik er dus geen nieuwe meer bij.

Stoppen met shoppen: het einde + ecoshoppen in Gent

Eén dag na het officiële einde van 365 Stoppen met shoppen ging ik shoppen. Dat was eigenlijk puur toevallig, want ik was gans het ‘Stoppen met shoppen’-gedoe vergeten. Vandaag was dus geen uiting van “yes, ik mag eindelijk weer shoppen!”, al lijkt het daar wel sterk op ;-)

Een jaar geleden schreef ik me in, vooral uit nieuwsgierigheid naar de beloofde tips die ik via de Stoppen met shoppen-nieuwsbrief zou ontvangen. Helaas, die nieuwsbrief heb ik blijkbaar maar een keer ontvangen. Intussen lijkt ook de website offline (of ligt dat aan mij?). Hoe dan ook: mijn conclusie: stoppen met shoppen (ik zei het al) is niets voor mij. Laat het mij even verduidelijken.

1) De actie ‘Stoppen met shoppen’ was vooral gericht op dames met overvolle kleerkasten, die “nooit iets hebben om aan te doen”. Ik ben nooit een shopaholic geweest, dus behoorde ik sowieso al niet tot de doelgroep.

2) Ruilen en zelf maken was toegelaten. Maar om te ruilen heb je zelf ook verruilbare kleding nodig. Probleem! Geen miskopen hier, geen kleding die ik niet meer wilde én die nog geen gaatjes of andere tekenen van slijtage vertoonden – en te weinig dichtbij wonende vriendinnen met dezelfde maten om een privé-swapping te organiseren. Zelf maken deed ik, maar voorlopig beperkt dat zich tot rokjes.

3) Eigenlijk is stoppen met shoppen (in de meest neutrale betekenis) nutteloos als je product x of y toch na de ‘koopverbodperiode’ zou kopen.

Conclusie: ik doe gewoon verder zoals ik al jaren bezig ben: minder, maar anders/beter kopen, tweedehands en biologisch en 100x nadenken vooraleer echt te kopen.

Goed, dat gezegd zijnde: op dag 1 na 365 ‘stoppen met shoppen’ kwam ik dus thuis met 4 kleedjes. Ik had effenaf mijn shoppingtocht uitgestippeld, efficiëntie!

1) De Stoffenkamer, Coupure Rechts 122: verkoopt enkele merken ecostof (Cloud 9, Birch, Lillestoff, …)

2) T2, Nederkouter 118: het mooiere soort tweedehands

3) Today is a good day, Mageleinstraat 11 (“Hip zonder oppervlakkig te zijn”): alles eco ♥

4) Lush, Langemunt 1: niet allemaal 100% natuurlijk, maar toch enkele goeie ecologische producten

5) Spinnrad, Groot kanonplein 7: zeepjes, zalfjes, geurtjes, maar vooral: ingrediënten om zelf cosmeticaproducten te maken

6) Mieke, Baudelostraat 23: “fijne vrouwenkledij”, veel niet-bio, maar ook People Tree (en da’s reden genoeg om er eens binnen te springen ;-) )

Als eerste op de planning stond De Stoffenkamer. Om alvast biostof te kopen voor een zelfgemaakt kleedje. Helaas, blijkbaar is dinsdag de sluitingsdag. Vaarwel, efficiëntie!

Daarna ging ik voor het eerst naar Think Twice. Hét tweedehandswalhalla, waar ik kleedje 1 (na lang twijfelen, want zo veel roze) en kleedje 2 (al gedoopt tot “sollicitatiekleedje”, want zwart en alles bedekkend) aanschafte. Kleedje 1 moet wel nog ingekort worden – voor alle duidelijkheid ;-)

Bij Today is a good day liet ik me verleiden door de Kelly Tunic van Komodo. Het was dan ook op mijn lijf geschreven … Het kleedje is gemaakt van tencel, aka cellulose van eucalyptusbomen, aka de biologisch afbreekbare variant van synthetische stof. Tencel is enorm zacht, licht en luchtig en kreukt nauwelijks. Het is mijn eerste kledingstuk uit tencel en ik ben er meteen verliefd op. Als de zon nu eens harder begint te schijnen, zal dit kleedje perfect zijn! Voor nog meer info over tencel verwijs ik jullie graag door naar deze Engelstalige blogpost die de vraag beantwoordt of tencel een duurzaam textielmateriaal is.

Plan was om daarna eindelijk de (niet meer zo) nieuwe Lush-winkel te bezoeken, maar ik had eigenlijk niets nodig (want wat je zelf doet, doe je beter), dus op naar de volgende: Spinnrad, waar ik een paar ingrediënten kocht om zelf wat productjes te maken.

Goed, verder met de kleedjes-zoektocht: Mieke!

Met een cadeaubon in het achterhoofd zocht ik alle People Tree-stukken. Ik vreesde al dat ik met mijn cadeaubon terug naar huis zou keren, toen ik de Erica Check Dress zag. Het ruitjespatroon was niet meteen ‘mijn ding’, het modelletje wel. Bingo! Dit kleedje zit echt perfect.

De eindstand (behalve het zwarte, want daarvan kon ik geen aanvaardbare foto nemen)

En dan is het nog niet gedaan, want in de Kringwinkel kocht ik onlangs nog een gilet en twee paar schoenen:

Inderdaad ja, nu kan ik weer zeker een jaar verder zonder kledingshoppen.

For the love of … Pinterest!

Ik pinterest, zij pinterest, wij pinteresten – and we love it! Pinterest inspireert, Pinterest organiseert (de ideeënpuinhoop in ons hoofd), Pinterest memoriseert. Speciaal voor jullie verzamelen we één keer per maand de leukste/mooiste/geniaalste ideetjes die we tegenkwamen tijdens onze scrollsessies van de afgelopen maand.

Kelly zag weer mooie resultaten van creatieve/upcycling-projectjes passeren: deze coole jongenskamer, met twee eenpersoonsbedden uit paletteneen speelhuisje voor kind, kat of hond, gemaakt uit karton en met veel geduld –  leuk ideetje voor fanatieke naaisters om een ketting te maken

Cristina’s oog viel daarentegen vooral op yummy FOOD. Vegan blauwebessentaart, wortelwafels en chocolade-courgettecake, wie kan dat lekkers weerstaan?

In de categorie ecofashion: we ♥ kantsimpele ingreep om een saaie trui een nieuw leven te gevendeze überschöne Kiitaja panties (binnenkort in mijn kleerkast!)

Babytalk: Weleda baby-verzorging

Het eerste merk dat ik onder de loep neem, is Weleda. Weleda is een merk dat al bijna 100 jaar meegaat en ook steeds beter gekend geraakt bij de minder/niet ecobewuste consument. Het wordt ondertussen niet enkel in natuurwinkels verkocht, maar is ook al verkrijgbaar bij verschillende supermarkten.

Wat heb ik hiervan in huis? De Calendula Haar- en Bodyshampoo en de Billenbalsem. Er zijn nog massa’s meer babyproducten, maar zoals ik al meldde in mijn introductiepost: ik kan niet alles van elk merk in huis halen (ik kán het wel, maar de toch iets of wat verstandige en praktische mens in mij vindt dat ik al genoeg heb ;) ). So here it goes:

Calendula Haar- en Bodyshampoo

Eerst en vooral vind ik dit geen shampoo, het is eerder zoals een douchecrème, waardoor het zacht is en de huid niet uitdroogt. Wat je dan merkt, is dat het daardoor ook veel minder schuimt. Maar dat is dan ook omdat er geen nasty ingrediënten inzitten. Want dat is ook het doel niet, het doel is: je baby zijn/haar velletje in alle mildheid reinigen. En babietjes, die doen niet zo heel veel om echt vuil te worden (een paar accidentjes niet meegerekend ;) ) en dus hebben ze ook niet zo veel reiniging nodig. Ik gebruik deze shampoo dus enkel voor het hoofdje en daarna voor het poepje.

Calendula Billenbalsem

Billenbalsems dienen om roodheid op de billetjes te verzorgen of (zoals sommigen zeggen) tegen te gaan. Nu, ik heb niet veel ervaring met billenbalsems … Aangezien Little Miss Lily ons eerste kindje is, ontbreekt het mij een beetje aan deze ervaring ;) Het enige waarop ik lette, was dat het natuurlijk is. Ik heb nu wel verschillende natuurlijke billenbalsems gevonden en ik vind niet dat deze van Weleda beter of slechter werkt dan een andere. Deze tube is zeer handig en steekt dan in mijn luiertas voor onderweg.

Stay tuned voor een volgende review!

Nota: dit is geen gesponsorde blogpost. Alle producten werden zelf aangekocht of cadeau gekregen van familie of vrienden.

Dat het goed leven is in Transitië

Dat wisten we natuurlijk al. Transitië, het schoonste, kindvriendelijkste, sociaalste vakantieland. Zo gezellig dat je er liefst een gans jaar op vakantie bent!

bron foto: Madame Zsazsa

Woensdag waren Cristina en ik uitgenodigd op dé première van het jaar: Groeten uit Transitië, het kind van Eva Peeters, Madame Zsazsa, Kristien Hens, Dorien Knockaert en Joke Rous. We mochten vier minuten volbabbelen over DIY verzorgingsproducten. Ook andere sprekers mochten laten zien dat ‘het’ echt kan, dat ‘het’ al lang bezig is:

- Dorien Knockaert vertelde passioneel over fermenteren als proces om groenten te bewaren

- Michel Demey van Far Field en GOEDvandoen liet zich gaan over waarom wormen de wereld kunnen redden

- Katelijne Schiltz van VELT had het over samentuinen

- Jeffrey Matthijs van Autopia zette de voordelen van particulier autodelen op een rijtje

- Dries Van Gils aka tuub aka de fietsende fietsenmaker uit Gent mocht natuurlijk ook niet ontbreken!

- Steven Plas van MIER vertelde over het feit dat we allemaal God kunnen zijn, als we maar op  een intelligente manier met licht, vuur, water en aarde omgaan

- Kristien Hens had het over de hedendaagse fecofobie en composttoiletten, en las voor uit The Humanure Handbook

- Jan Vanhuysse stelde New B, de nieuwe coöperatieve bank, kort voor

- Merijn Fagard van Basic Income Network sloot af met een uitgebreide uiteenzetting over het basisinkomen

Daarna kondigde Sofie van Vooruit boeiende plannen in het kader van 100 jaar Vooruit aan. Allemaal heel spannend!

van links naar rechts: MIER, Kristien Hens en New B

Over het boek zelf verklap ik nog niet veel, maar wel al: Groeten uit Transitië …

- is een boek waarin enkele ferme madammen op zoek gaan “naar goede – en vooral leuke – alternatieven voor een aantal van onze meest vervuilende gewoontes”. Voor groene dames misschien weinig nieuws, maar koop het boek dan gewoon voor de hilarische schrijfstijl (de eerste woorden: “Hopla, krijg je zomaar ineens een boek over anders gaan leven onder je neus geduwd. Nondepitjes! Snel terugleggen, denk je vast.”) en dito foto’s.

- is het tweede boek dat ik opgeef als aankoopsuggestie in mijn lokale bibliotheek (het eerste was Goed eten van Dorien Knockaert)

- kregen we als cadeautje in ruil voor onze minieme bijdrages (zie je wel, ruilen werkt!)

- is het eerstvolgende boek dat ik lees -> wordt dus vervolgd!

(maar eerst staat Kurt Vonnegut’s Man zonder land nog op het lijstje – de man heeft ook trouwens wat kritiek op de fossiele brandstof-verslaafde maatschappij, dus we blijven in het thema ;-) )